Organic retreat en camino

Dag 26 (camino dag 6): Nueva – ​De Last van de Oudste en het Boskerkje

Wonder boven wonder voel ik me fit en heb ik nergens last van, ondanks de harde stenen grond waarop we hebben geslapen en de korte, onderbroken nachtrust. We lopen Llanes in en gaan eerst uitgebreid ontbijten bij een bakkertje. We willen kijken of we ergens een stempel kunnen bemachtigen, want doordat we bij het kerkje hebben geslapen, hebben we gisteren uiteraard geen stempel gekregen.


Nadat we een poosje onderweg zijn, begint Carmen steeds meer last te krijgen van haar enkels. Ik had al eerder aangegeven dat ik wel wat spullen van haar wilde overnemen, aangezien zij een zwaardere tas draagt dan ik. Maar Carmen voelde zich tot nu toe als de jongere van ons tweeën geroepen om die zwaardere vracht te dragen.
Nu komt dit onderwerp opnieuw ter sprake en volgt er een diepe realisatie. Het dragen van zo’n zware last verwijst voor Carmen rechtstreeks naar het trauma van het oudste kind: sneller en meer verantwoordelijkheid nemen dan er wellicht van je gevraagd wordt. Binnen een gezin ontstaat dat vaak doordat het oudste kind ziet dat de jongste ook wensen en behoeften heeft. Het oudste kind kiest er dan zelf voor om te denken: ik doe het zelf wel, in plaats van de ouders om hulp te vragen en erop te vertrouwen dat zij in alle behoeften kunnen voorzien.


Het beeld dat hierbij hoort is dat van het oudste kind dat eerst altijd op de arm werd gedragen. Als er een nieuw, jonger kindje komt, wordt dat kleintje sneller op de arm genomen en krijgt de oudste soms te horen: “Nu even niet.” Na een paar keer vragen en het horen van dat “nu even niet”, stopt het kind met vragen. Terwijl de behoefte aan steun er soms wel degelijk is—en het misschien ook gewoon mogelijk was geweest als er wél om gevraagd werd.
Er komen tranen van heel diep. We gaan op een bankje bij een kruispunt zitten en de tranen blijven maar stromen. Carmen vraagt om vastgehouden te worden en ik geef haar een lange knuffel. Daarna leunt ze met een betraand gezicht tegen mijn schouder. Voorbijgangers kijken naar ons. Carmen gaat even liggen. Een voorbijgaande vrouw komt vriendelijk naar ons toe en vraagt of het wel goed met haar gaat; ze had haar eerder al zien huilen. Carmen bedankt haar voor haar betrokkenheid en stelt haar gerust dat het goed gaat. De vrouw vertelt dat ze zelf ooit de Camino heeft gelopen en destijds iets dergelijks heeft meegemaakt.
Na dit mooie gesprek hevelen we een deel van Carmens spullen over naar mijn rugzak. Ze hoeft niet langer de zwaarste last te dragen. Dankbaar dat deze innerlijke thema’s zo organisch aangegaan mogen worden, hervatten we onze weg. Oi ko


Op een gegeven moment komen we weer bij de zee uit en rollen we onze matjes uit op het strand. Eerst gaat Carmen zwemmen en daarna ik. Ik laat de golven heerlijk over me heen slaan. Het is nog steeds bewolkt, maar erg warm.
We besluiten om vandaag geen hostel te zoeken, maar weer een geschikt kerkje om bij te slapen. De vier Fransen hadden ons immers verteld dat zij dit al vier keer zo hadden gedaan. Carmen zoekt via Google Maps en vindt twee opties op de route. De dichtstbijzijnde lijkt ons het meest geschikt, al heb ik wat bedenkingen omdat er huizen omheen staan. Dat geeft toch wat minder vrijheid.
We rekenen uit dat we daar zo’n twee uur over zullen lopen. Carmen geniet nog van het strand, maar rond 16:00 uur vind ik het fijn om te vertrekken. Stel dat het niks is, dan moeten we immers nog verder zoeken.
Als we al een heel eind op weg zijn, ziet Carmen op Maps nog een ander kerkje, iets van de Camino af, maar zonder foto. Ik blijf met de rugzakken wachten en Carmen slaat een andere weg in om poolshoogte te nemen. Het is circa vier minuten lopen. Ze komt enthousiast terug, dus we lopen samen met onze spullen die kant op.
Het kerkje ligt wat afgelegen van het dorp, langs een wandelpad in het bos en naast een weiland. Het is heerlijk rustig en heeft weer zo’n overdekt portiekje. Ik vind het een prima plek; voor Carmen is het een paradijs.

Ik begin meteen met het opzetten van ons ‘tentje’ en leg de matjes erin. Deze keer besluiten we overdwars te slapen zodat we meer bewegingsruimte hebben. Het muskietennet valt daardoor slechts over ons hoofd en bovenlichaam; de rest van ons lichaam slaapt buiten. Met touwtjes die we aan de tralies van de kleine raampjes in de kerkdeur bevestigen, knopen we het gaas zo vast dat het niet in onze gezichten hangt.
Carmen gaat ondertussen koken: Adventure Food. Wat mij betreft zijn we inmiddels echte avonturiers! Er komen af en toe wat wandelaars langs die we vriendelijk groeten.
Als het begint te schemeren en we ons weer hebben gedoucht met water uit een fles, kruipen we ons bed in. Oef, het is uiteraard weer erg hard op de stenen vloer, maar toch lijkt het iets minder erg dan gisteren. Blijkbaar begint het te wennen.
Vlak voordat Carmen gaat slapen, realiseert ze zich hardop dat zij—los van onze reis samen—al veel verschillende levenservaringen heeft opgedaan die ertoe leiden dat wij dit soort bijzondere slaapplaatsen op onze eigen manier ervaren. Onze constructie werkt uitstekend en we krijgen geen enkele mug binnen.
Toch vind ik het moeilijk om in slaap te komen. Dat vind ik van nature al niet makkelijk, maar zeker niet op een harde ondergrond in een kerk. Carmen heeft al lang de schaapjes geteld en ligt rustig naast mij te slapen.

Plaats een reactie