Organic retreat en Camino

Dag 31: Gijon – Wanneer het avontuur verandert in een wachtkamer

Om 7 uur word ik wakker omdat Carmen naar de wc gaat. Als ze terug is, kruip ik het tentje uit om ook te plassen. Daarna slapen we door tot 9 uur, wanneer we wakker worden van de warmte in de tent. Buiten is het gelukkig heerlijk. Omdat er niemand in de buurt is, kleed ik me buiten snel om en ga ik tandenpoetsen. Carmen gaat alvast croissantjes, koffie en thee bestellen. Ik neem het broodbeleg mee dat we gisteren hebben gekocht.

​Ik voel me vandaag een stuk opgewekter. Wel heb ik nog steeds wat last van mijn rug en zijn mijn enkels iets gezwollen, maar daar heb ik weinig last van. Ik kan nu echt genieten van het uitzicht, het weer en ons eigen plekje. Het terrasje is op nog geen 10 meter afstand van onze tent, dus daar kan ik fijn op een stoel zitten. We merken beiden dat deze rustdagen eigenlijk noodzakelijk voor ons zijn. We hadden niet door hoe moe we waren en hoeveel we van ons lichaam hebben gevraagd. Carmen vertrekt morgen en ik overmorgen.

​Tijdens het ontbijt vertelt Carmen dat ze toch afziet van de wandeltocht in Portugal, vanwege vermoeidheid in haar pezen. Ik kan er niets aan doen, maar ik voel me opgelucht.

​Na het ontbijt merken we dat we nog steeds erg moe zijn, en inmiddels komt er bij ons beiden ook een verkoudheid opzetten. We halen ons luchtbed uit de tent en leggen het ernaast om nog even te rusten. Dan begint de zon weer te branden. We maken de zijkant van ons tentje los en spannen die als een soort luifel af.

​Plotseling ontdekt Carmen een teek aan de binnenkant van mijn arm. Het lukt niet om hem met de pincet te verwijderen; het kopje blijft erin steken. Het wordt een heel gepriegel met een naald, maar uiteindelijk lukt het gelukkig.

’s Middags drinken we een 0.0 op het terrasje en eten we yoghurt met chiazaad en artisjokharten. Carmen loopt weg met haar mobiel aan haar oor. Ze blijft lang weg en ik zit een hele poos te wachten zonder dat ik iets te doen heb. Ik heb geen brei- of haakwerk. Op mijn telefoon wil ik nu ook niet, want om hem op te laden moet je hem bij de receptie afgeven en betalen, dus ik wil stroom sparen.

​Achter me aan een tafeltje zit weer een groepje te kletsen en een spelletje te spelen. Bij de tent heb ik geen stoel, dus dan zou ik op ons luchtbed moeten gaan liggen — midden in de zon. Ik weet even niet wat ik moet doen. Ik probeer gewoon te ‘zijn’, niets te doen en niets te denken. Maar het lawaai en het harde gepraat in een taal die ik niet versta, triggeren me. Ik voel me onprettig en wil weg. Toch ga ik maar op het luchtbed in de zon liggen, met een doek over me heen om niet te verbranden.

​Gelukkig is Carmen op een gegeven moment klaar en gaan we naar het strand dicht bij de camping. Het is niet echt een zandstrand, maar meer een verzameling rotsformaties waar mensen op verschillende plateautjes zitten. We vinden een plekje waar ik op een grote, platte steen lekker kan gaan zitten. Ik heb geen zin om te zwemmen. Terwijl Carmen van het water geniet, kijk ik uit over de zee.

​Na het zwemmen maken we een soepje met linzen en quinoa. Het smaakt best goed. Het is inmiddels gezellig druk geworden op de camping; er zijn veel tentjes bijgekomen.

​Na het douchen duiken we vroeg ons bedje in. Het is warm. Carmen kruipt nog een keer de tent uit om de achterkant omhoog te rollen, zodat de wind een beetje door ons tentje heen kan waaien. We doen onze oordopjes in en onze ogen dicht.

Plaats een reactie