Ik heb heerlijk geslapen vannacht. Voor het eerst sinds we in Colombia zijn. Moe van het gedoe en de reis, denk ik. Carmen gaat vanochtend naar haar familie, Cor en ik gaan een beetje de omgeving verkennen en op zoek naar een supermarkt om water te kopen. Danilo blijft in het hotel. Het is om 10.00 al bloedheet. We komen langs allemaal louche en armetierige winkeltjes en zaakjes, die niet echt uitnodigend zijn om naar binnen te gaan. De winkeltjes hebben geen voorkant met deur, maar de gehele voorzijde is open. Als de zaak gesloten is, komt er gewoon een hek voor. We lopen een stuk de straat in, komen bij een rotonde en steken over. We hebben op Google Maps gezien dat er nog een rotonde en een pleintje komt. Tot daar willen we lopen, als we dan nog geen supermarkt gevonden hebben, lopen we weer terug. De zon knalt recht naar beneden. We zitten hier immers op de evenaar. Het pleintje blijkt het centrum te zijn, met een mooie kerk in het midden. Er is een voetgangerszone met allemaal winkels, voornamelijk kleding-, schoenen en sieradenwinkels. Ook hier kun je nergens naar binnenlopen of er komt gelijk iemand op je af. In een schoenenwinkel zie ik leuke teenslippers. Ik drijf bijna uit mijn zomerschoentjes, die me in eerste instantie ideaal voor hier leken. Nu snak ik ernaar om ze uit te doen. Ik heb ook nog een lange broek aan, hè, ik wilde immers niet onderdoen voor de lokale bevolking, die gewoon in lange broek, bloesjes met lange mouw en laarsjes rondlopen. Ik vraag mij af: hoe dan? Als ik al niet opviel als toerist, wat ik natuurlijk sowieso al deed, door die gringo van een man van mij, die met zijn blonde kop Amerikaans loopt te zijn, dan zou ik nu toch echt door de mand vallen, door al het zweet, dat me langs het voorhoofd naar beneden loopt. Sexy as ever!
Ze zoeken naar mijn maat. Daarvoor loopt een verkoopster de winkel uit, naar waar waarschijnlijk ergens het magazijn is. Een andere verkoopster sleept nog andere schoenen aan. Hallo! Zie ik eruit alsof ik van zilveren schoentjes met een roos erop houd? Kijk naar mijn outfit! Daar komt de juiste maat aan. Het lusje, waar m’n grote teen doorheen moet, is iets te krap, die wordt opgerekt. Dan past-ie. Ik vind ze mooi en laat ze gelijk aan. Zo, in ieder geval een beetje lucht voor mijn voeten. We lopen nog een beetje door de winkelstraten, maar het is allemaal een beetje kits, een beetje erg kits eigenlijk. Ik loop nog één kledingzaak in, maar er stormen gelijk vier, vijf verkoopsters op me. Nou, nee, dank u. Ik maak rechtsomkeert en bots bijna tegen Cor aan, die geduldig achter mij aansjokt. We vertrekken weer richting hotel. We menen de weg terug wel te weten. Niet dus. Na een hele klim tegen de helling op, constateren we, dat we weer eens verdwaald zijn. “Zullen we dan maar weer een taxi nemen?”. We zijn allebei kapot, ik heb hoofdpijn en zweet me een ongeluk, dus de beslissing is niet moeilijk. In het hotel gaat de broek uit, ik ga op de plavuizen voor de airco zitten. Als ik weer enigszins bijgekomen ben stap ik onder de douche en neem daarna met het laatste restje water van gisteren een paracetamol in.
Er is een appje van Carmen: de dansvoorstelling van haar nichtje is vandaag niet, maar of we zin hebben om met de familie naar een winkelcentrum te gaan. Whaaaa!!! Weer winkelen! Maar wel super gezellig om iets samen te doen, lijkt me.
Danilo, Cor en ik hebben een lekkere lunch bij de swimming pool van het hotel, wel onder een afdak, natuurlijk.
Tegen 13.00 gaan we in de lobby zitten wachten. Ze komen met de taxi. We begroeten elkaar met een knuffel en dan wordt er een tweede taxi bijgeroepen en sjeezen we achter elkaar aan door Villavicencio. Het winkelcentrum is heel nieuw, eigenlijk pas net af en zo mooi en luxe, als ik het in Nederland nog nooit gezien heb! Carmen’s oom is project manager en heeft drie zaken in het winkelcentrum gebouwd. Om het winkelcentrum is een prachtig park aangelegd met vijver en watervalletjes, waar we gaan wandelen en foto’s maken.
Dan lopen we het winkelcentrum door, ondertussen gezellig kwebbelend. Tío doet zijn best om Engels te praten. Hij leert ons Spaanse woordjes en wij hem Nederlandse woordjes. Hij ligt zelf in een deuk, als hij de voor hem onmogelijke klanken probeert uit te spreken. Zijn keel kan dat niet, maakt hij duidelijk. Hij is trouwens een jonge man met een geweldig gevoel voor humeur, we hebben direct een klik en het is zooo gezellig met elkaar. Ik geniet en ben gelukkig en niet alleen ik, vermoed ik! Carmen’s oma is een pittige dame, waarin Carmen veel van zichzelf herkent, ik ook trouwens! Het meisje is een scheetje. Zo leuk om de twee nichtjes naast elkaar te zien lopen. Hetzelfde postuur, dezelfde springerige, voor Colombiaanse begrippen lichte haren en hetzelfde loopje!
We bezoeken nog twee andere winkelcentra op loopafstand.
Bij Juan Valdez (inmiddels een favoriet van ons, een soort starbucks) gaan we koffie drinken. Het nichtje kiest exact dezelfde taart, als Carmen laatst in Bogota ook deed. Lol! We schuiven stoelen bij een tafeltje en genieten van elkaars gezelschap. Het is geen moment stil. Tío laat ons de muziek van deze streek horen. Ricardo, onze gids naar Gutavita, had ons al verteld, dat dat typische macho-muziek is. Het blijkt te kloppen, te zien aan het clipje, waar beelden van stiergevechten en cowboy’s te zien is. Ik hou er niet van. Tío wil weten wat typisch Nederlandse muziek is. We laten hem Frans Duijts horen. Hij vindt het mooie muziek, het lijkt een beetje op country, zegt hij. Hij vindt het raar dat wij er niet van houden, althans de kinderen en ik niet. Wat is dan nog meer Nederlandse muziek, die wij wel leuk vinden? Danilo laat hem Nederlandse rap horen. Dat vindt ie maar niks, hij aapt het na met de typische, bijbehorende handbewegingen. Van dance houdt hij wel.
Tío vertelt, dat zij maar een kleine familie zijn: Hij, zijn moeder, zijn zus en haar twee kinderen. 5 personen. Maar nu, zegt hij, is onze familie 9 personen! Wij zijn altijd welkom in zijn huis en in zijn hart. Hoe lief is dit!
We hebben onze koffie op. Ze nodigen ons uit om nog mee te gaan, maar Carmen is zo moe van de hele dag Spaans proberen te verstaan en te spreken, dat we beleefd bedanken. We gaan nog samen naar de supermarkt om drinken en chips te kopen. Tío loopt voorop en weet alles te vinden. Bij het bier een heel gesprek over wat het lekkerste bier is. Cor neemt een flesje Grolsch voor hem mee, dat moet hij proberen. Dan wijst hij nog op een typisch regionaal drankje. Dat wil ik zeker nog een keer proberen, maar voor nu hebben we al zoveel boodschappen om het hotel in te smokkelen!
Tío houdt een taxi voor ons aan en we racen weer richting hotel.
Het is rond zes uur. We doen onze zwemkleding aan en nemen een duik in het zwembad, dat we bijna voor ons alleen hebben. Er zwemmen sowieso maar heel af en toe mensen in. We zwemmen tot het donker is. Om half acht gaan we bij de swimming pool eten. Ik neem er een heerlijke jugo con leche (vruchtensap met melk, net een milkshake) bij. Zo verkeerd maar zo yammie!!! Het eten is sowieso heerlijk, het is nog lekker warm. We genieten.
Zo laten we een hele fijne, heerlijke dag uitklinken. Morgen zijn we voor de lunch uitgenodigd bij de familie! Ook Carmen’s tante zal er dan zijn. Zij komt vannacht van haar werk terug, een reis van 12 uur.
Ik verheug me er al op om haar te onmoeten!
Prachtig verhaal weer. En ik kan het alleen maar herhalen: wat leuk dat je dit allemaal zo uitvoerig en regelmatig volbrengt, ondanks de drukke dagen die jullie hebben. En wat fijn, dat de familie zo hartelijk is! Fijne verdere tijd daar.
LikeLike