Het is sabbat. We hebben een Engelstalige kerk van de Zevendedags Adventisten op internet gevonden en willen er vandaag naar toe. Althans, Carmen en ik. De jongens blijven thuis. De dienst begint om half 10. De kerk is maar 10 km verder op, maar in Bogota is dat best een behoorlijke afstand, dus om half negen roepen we een taxi. Het is wel even zoeken, de taxichauffeur weet het ook niet goed en we komen in een woonwijk terecht. Hier kan het niet zijn. We kijken nog een keer. Er is een sda-kerk heel dichtbij. We rijden een grotere straat op. Geen buurt om nou blij van te worden. Midden in de straat wel een groot nieuw gebouw. Daar staat groot aan de muur: “Iglesia Adventista del Septimo Dia”. Bingo! Voor de deur staat een jonge dame in nette kleren. We gaan naar haar toe: “Iglesia?”. Zij vraagt: “Ingles?” Ja, inderdaad, graag de Engelse afdeling. Ze gaat ons voor naar binnen. We gaan een gang door en een deur, lopen door een parkeergarage .., okee, dit is weird, dan weer door een deur een gang, trap, ik kan het allemaal niet meer navertellen. We komen in een hele grote, kille en vrij donkere ruimte, een soort kantine. Er staan tafels met rode plastic stoelen en achterin de ruimte staat een aantal van die rode stoelen in een paar rijen opgesteld, met daartegenover vier stoelen en een keyboard, waar iemand achter zit. Op de rijen met stoelen zitten precies drie mensen en voor hun staat een jonge man, de sabbatschoolleider. Hij geeft ons een hand, we stellen ons aan elkaar voor en hij stelt ons aan de anderen voor. Carmen gaat nog even naar de wc. Als ze terug komt, is de sabbatschool al begonnen. We zingen heeeeeel veel liederen, sommigen bekend, anderen onbekend. Na het gebed wordt er weer gezongen, collecte, niet veel anders dan wij het gewend zijn. Na een voorstelrondje begint de “les”. Het is best interessant, maar mede doordat de stemmen in de grote ruimte een beetje weerklinken en vooral de sabbatschoolleider, Roger, niet super goed Engels kan, is het soms een beetje moeilijk te verstaan. Ook de Ghanese broeder, die er iets later bijkomt, vind ik moeilijk te volgen. Het gaat over Jona (in de walvis). We constateren, dat het redelijk makkelijk is, om mensen te helpen, die je mag of waar je neutraal tegenover staat, maar dat het veel moeilijker is, om iemand te helpen, die je iets aangedaan heeft. De sabbatschool wordt afgesloten door weer heeeeel veel te zingen. Daarna de eredienst. Ook hier weer heel veel gezang, ik ben er nu wel klaar mee, ik hou niet zo van kerkelijke muziek. Roger doet ook de preek. In het Spaans. De organist vertaalt. Roger doet het best goed. Hij heeft het over Genesis, om precies te zijn de zondeval. Na het einde van de dienst worden we nog uitgenodigd voor een optreden van een koor. Carmen heeft er wel zin in, maar we vinden het ongezellig voor de jongens. Ik krijg nog het mobiele nummer van Roger, zodat ik hem kan appen, als we weer eens van plan zijn om te komen. Ze gaan namelijk verhuizen. Ik ga nog even naar de wc, die is een trap op. Op die verdieping is de Spaanstalige dienst, die wel druk bezocht is, nog in volle gang.
We lopen naar buiten en appen weer voor een taxi. Die is er met 1 minuut. Wat is dat toch geweldig, die App!
De middag brengen we chillend door op onze kamer, onderbroken door een empanada-lunch om de hoek. Niemand heeft ’s avonds nog zin om te gaan eten. Maar de honger drijft ons er toch uit.
Er is ook een restaurant-app. Daar kun je zien, welk restaurant het dichtst in de buurt is. Er schijnt een Italiaan op 500 meter afstand te zijn. Helaas stuurt Google Maps ons via een omweg, maar we komen toch uiteindelijk bij een straat terecht, waar verschillende restaurantjes zitten.
De Italiaan vinden we niet maar wel een Amerikaanse tent “Buffalo Wings”. De kids zien het wel zitten, Cor en ik trouwens ook. Hot chicken wings: altijd goed. We kunnen uit 5 verschillende soorten pikantheid kiezen. Carmen neemt 1, Cor 3 en Danilo en ik 4. De ober komt een schaaltje met het sausje en een wortel brengen om te laten proeven, hoe scherp het is. Ach, dat lijkt ons best te doen, maar pas als hij weg is, begint het echt te branden. Verdorie, wat is dat scherp! Maar nu is het te laat. Te gênant om achter de ober aan te gaan. We knijpen hem wel een beetje. Het eten wordt geserveerd met stengels wortels en bleekselderij en frietjes. Ik hou van scherp, maar dit is wel heel heet! Terwijl we eten begint de wedstrijd Colombia-Brazilie. Colombia staat al vrij snel achter tot grote verontwaardiging van alle Colombianen, inclusief onze kids. De tranen biggelen me over de wangen, niet vanwege dat doelpunt van Brazilie, maar door die verrekte wings, maar dapper bijt ik door. Danilo heeft het er ook moeilijk mee en staat er gul een paar aan Cor af en laat Carmen ook 1 proeven. Bij de rest van de wings poetst hij de saus er met een servetje stiekem af. Cor en de kinderen nemen nog een toetje en ik een tequila sunrise. Heerlijk!. Dan lopen we door de inmiddels donkere straten naar het hotel terug om daar de wedstrijd af te kijken. Carmen en Danilo rennen dollend achter elkaar aan. Cor en ik genieten ervan om ze zo in hun geboorteland te zien rennen. Het is leuk om te zien hoe goed ze hier passen. Ook voor ons is dit allemaal een hele bijzondere ervaring.
Bij het ontbijt (het wordt al een gewoonte) weer met plezier het verslag van de Sabbat gelezen. En verheug me erover, dat jullie het zo naar de zin hebben. Wij zijn voor ons doen vroeg, want ik moet zo naar Keppel om de vijverbouwer te helpen. Paul kon vandaag geen vrij krijgen. Jullie wens ik straks weer een fijne dag!
LikeLike